Vroeger onderzoek

Dierenbeleving binnen vzw Stijn

Dieren kunnen veel teweeg brengen bij mensen, ook bij personen met een beperking. Steeds meer voorzieningen verwerken in hun aanbod het contact met dieren. Vzw Stijn is hier een goed voorbeeld van. Maar hoe worden dieren precies ingezet in de voorzieningen van vzw Stijn? Welk effect hebben de dieren op de zorggebruikers? Een studente orthopedagogie aan de Katholieke Hogeschool Limburg (KHLIM) maakte hier haar eindwerk over.

Zorgzwaarte-instrument: een tijdsregistratie-onderzoek

In het kader van de reorganisatie van de financiering van personen met een handicap, werkte de overheid (het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap; VAPH) aan een zorgzwaarte-instrument (ZZI). Het instrument bestaat uit een set van schalen die moet toelaten de zorgzwaarte van een persoon met handicap in te schatten op basis van drie parameters: Begeleidingsintensiteit (B), Permanentie (P) en Nachtpermanentie (N). Recent stelde het VAPH ‘ZZI versie 2012’ voor. De validiteit en betrouwbaarheid van dit instrument werd door de studiecel van het VAPH uitgebreid onderzocht.
Parallel aan het VAPH-onderzoek nam vzw Stijn samen met vier andere vzw’s het initiatief een tijdsregistratie-onderzoek op te zetten met als doel na te gaan welke factoren persoonsgebonden zorgtijd aan personen met een handicap bepalen. De medewerking van het VAPH in dit onderzoek maakte het mogelijk de parameters die resulteren uit het ZZI (B, P, N) te vergelijken met de geregistreerde zorgtijd.
Van 260 proefpersonen uit 42 (voornamelijk residentiële) voorzieningen werd het zorgzwaarte-instrument afgenomen, werd de persoonsgebonden zorgtijd in verschillende categorieën geregistreerd en werden een reeks bijkomende variabelen verzameld. Voor meer informatie over dit onderzoek verwijzen we naar de documenten hieronder.

Om de resultaten snel te communiceren werd eind 2012 een samenvattend rapport voorgesteld:

Alle details van het onderzoek werden uitgeschreven in een uitgebreid rapport.

Het onderzoek en de belangrijkste resultaten werden gepubliceerd in het Tijdschrift voor Welzijnswerk.

De invloed van stoom en warmte op de ademhaling en rekbaarheid van de spieren

Dienstencentrum St.-Oda beschikt recent over een stoombad. Wetenschappelijk onderzoek suggereert dat een stoombadbezoek vele positieve effecten kan hebben, zoals bijvoorbeeld het versnellen van de hartslag en het openzetten van bloed- en haarvaten waardoor de bloedcirculatie wordt gestimuleerd. Het stoombadbezoek in St-Oda is een ontspannings- en belevingsmoment voor de zorggebruikers. Het kan aangevuld worden met massages, een bezoek aan de knuffelmuur, een zwembeurt. De subjectieve bevindingen zijn bijzonder positief, zowel van leefgroepbegeleiders, betrokken therapeuten als van bewoners zelf.

De komst van een stoombad deed bij de kinesisten van St.-Oda de vraag rijzen of het stoombad ook als een vorm van therapie kon gebruikt worden. Bestaat er bij mensen met een ernstig meervoudige beperking een groep van zorggebruikers voor wie het gebruik van het stoombad een kinesitherapeutische meerwaarde heeft? Meer specifiek vroegen de kinesisten zich af of het stoombad een gunstig effect kan hebben op de ademhaling van zorggebruikers met ademhalingsproblemen en op rekbaarheid van de spieren bij zorggebruikers die hier specifiek problemen mee hebben zoals bijvoorbeeld de zorggebruikers met contracturen. Om die reden besloten de kinesisten zelf, ondersteund door de onderzoeksmedewerkers van vzw Stijn, een experiment op te zetten.

Omdat het een zeer specifieke doelgroep betrof binnen de doelgroep van personen met een ernstig meervoudige beperking, werd in eerste instantie bewust gekozen voor een klein en eenvoudig onderzoeksopzet. Dit onderzoek wordt gezien als een aanzet tot langduriger en uitgebreider onderzoek in de toekomst.

Hieronder vindt u het onderzoeksrapport 'Invloed van stoom en warmte op de ademhaling en rekbaarheid van de spieren'.

Slaap

Uit onderzoek blijkt dat de kwaliteit van slaap bij personen met een handicap minder goed is dan bij de doorsnee bevolking. Voor personen met een handicap in de woonopvang is het echter niet evident om zonder hulpmiddelen de kwaliteit van slaap te evalueren. Omdat vzw Stijn aan deze personen niet enkel tijdens de dagperiode maar 24 uur op 24 kwaliteit van zorg wil bieden, wordt de kwaliteit van slaap nagegaan met de ‘actiwatch’. De Actiwatch ziet eruit als een polshorloge en registreert de bewegingen tijdens de nacht. Met bijhorende software kunnen een heel aantal parameters berekend worden om de kwaliteit van slaap te beoordelen.

Met behulp van de Actiwatch voerde Leen Vanermen een onderzoek naar de kwaliteit van slaap in vzw Stijn.

Pijn

Pijn is een sensatie die een grote invloed heeft op de kwaliteit van iemands leven. Uit onderzoek blijkt dat personen met een mentale handicap een groter risico hebben om pijn te ervaren dan anderen (meer lichamelijke problemen, medische ingrepen,… ). Pijn wordt vaak gedefinieerd als ‘dat wat de patiënt zegt dat het is en optreedt in de mate dat hij/zij zegt dat het optreedt’. Pijn is dus een zeer subjectief gegeven dat volledig bepaald wordt door de ‘patiënt’. Deze definitie gaat er van uit dat de persoon de pijn kan aangeven. Dit is echter niet het geval voor personen met een ernstig mentale handicap.

Om na te gaan hoe pijn zo objectief mogelijk kan gemeten worden bij personen met een verstandelijke handicap voerde Leen Vanermen een praktijkonderzoek uit. Het rapport van dit onderzoek vindt u hieronder.

Er werd ook een leidraad gemaakt die door zorgverleners kan gebruikt worden bij de confrontatie met (vermoeden van) pijn.

Personeelsverdeling: IPS

Om kwaliteit van zorg te kunnen bieden is een adequate personeelsverdeling van groot belang. Er is in het huidig wettelijk personeelskader echter geen of onvoldoende verband tussen de zorgbehoefte van de personen die begeleid worden en het personeelskader waarmee die begeleiding moet gebeuren. Dit maakt dat voorzieningen die personen opnemen met zware zorgbehoefte (bv. lage zelfredzaamheid of ernstige gedragsproblemen) hiervoor niet beloond worden. Dit heeft als gevolg dat deze mensen op de wachtlijst belanden en er langer op blijven staan.

Jaren geleden besloot vzw Stijn daarom op zoek te gaan naar een manier om de personeelsmiddelen op een meer eerlijke manier over haar dienstencentra te verdelen. Er werd gekozen om de personeelstoewijzing voor een groot deel te laten afhangen van de waarneembare zorgbehoefte. Hiertoe werd het Instrument Personeelsverdeling Stijn (IPS) uitgewerkt. De zorgbehoefte wordt in kaart gebracht aan de hand van 4 elementen: de score op de schaal Guy, die peilt naar de elementaire zorgbehoefte (zie verder), de score op het Consensusprotocol Ernstig Probleemgedrag, die gedragsproblemen inventariseert (zie http://www.vgn.nl/artikel/6349), de score op de schaal Leen Vanermen die de nood aan (para)medische-verzorgende handelingen in kaart brengt (zie verder) en ten slotte het element ontwikkelingsstimulatie.

Uitleg over het Instrument Personeelsverdeling vindt u in volgend artikel.

(Para)medische verzorgende handelingen: Schaal Leen Vanermen

Ondersteuningstijd van personeel gaat niet enkel naar zelfredzaamheid, maar ook naar (para)medisch-verzorgende handelingen. Om na te gaan of er effectief veel tijd besteed wordt aan dit soort handelingen, en zo ja, aan welke handelingen precies, werd een tijdsmeting opgestart. Er werd een lijst opgesteld van zeventig (para)medisch-verzorgende handelingen die relevant zijn in de verzorging van personen met een handicap. Deze uitgebreide lijst bevatte onder meer items met betrekking tot diabetes, orthopedische materialen en medicatiegebruik. Voor 201 proefpersonen werd gedurende veertien dagen in kaart gebracht hoeveel tijd besteed wordt aan deze handelingen. Vervolgens werd door middel van een factoranalyse bepaald welke van deze zeventig handelingen het meest een verschil veroorzaken in personeelstijd. Welke handelingen zijn met andere woorden differentiërend voor de zorgzwaarte? Vanuit deze analyses kwamen vijftien handelingen naar voren. Vervolgens werden zorggroepen afgebakend en beslissingsbomen opgesteld om vanuit een score op deze vijftien handelingen tot een zorggroeptoewijzing te komen.

Het uiteindelijke resultaat is een schaal die toelaat elke zorggebruiker in te schalen op vlak van zorgzwaarte op (para)medisch-verzorgend gebied. De schaal leidt tot één van de vier afgebakende zorggroepen waaraan telkens een gemiddeld aantal ondersteuningsminuten per dag gekoppeld is (net zoals bij de schaal Guy Vanden Boer). Bij zorggroep 1 zijn dit 0 minuten, bij zorggroep 2 zijn dit 4 minuten. Zorggroep 3 heeft gemiddeld 8 minuten ondersteuning per dag nodig en zorggroep 4 gemiddeld 39 minuten. De schaal werd de schaal Leen Vanermen gedoopt, naar de onderzoekster.

Hieronder vindt u meer uitleg en de handleiding van de schaal, alsook het onderzoeksrapport.

Kwaliteit van leven

Kwaliteit van leven is een begrip dat niet meer weg te denken is in de zorg- en dienstverlening voor personen met verstandelijke beperkingen. Een goede levens- en bestaanskwaliteit is een richtinggevend principe in de zorg geworden. In vzw Stijn streven we er zowel op individueel als op organisatorisch gebied naar om een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven te verzekeren. Toch is niet altijd duidelijk wat dit begrip precies betekent, wat de inhoud ervan is en hoe we concrete aspecten van onze dagdagelijkse werking kunnen aanpassen om kwaliteit van leven te bevorderen. In onderstaand artikel wordt hierop ingegaan.

Er werden ook twee vragenlijsten ontwikkeld om voor de zorggebruikers van vzw Stijn de kwaliteit van leven in kaart te brengen, één voor de doelgroep van personen met een ernstig en diep mentale handicap en één voor de doelgroep van personen met een licht of matige mentale handicap, motorische handicap of niet-aangeboren handicap.

Schaal Guy Vanden Boer

Met de schaal Vanden Boer kan de ondersteuningsbehoefte op het vlak van elementaire zelfredzaamheid bij personen met een handicap in kaart gebracht worden. Deze schaal werd oorspronkelijk ontwikkeld voor gebruik in een nursingpopulatie, maar heeft ook reeds in andere settings dienst bewezen. De schaal kan gebruikt worden om de zorgbehoefte op vlak van elementaire zorg van mensen met een handicap in kaart te brengen en met elkaar te vergelijken en biedt dus mogelijkheden voor het verdelen van personeel op basis van zorgzwaarte.


© vzw Stijn - 2018